Klik door naar de pagina Ds.Visserprijs voor alle informatie over de Ds.Visscherprijs en (genomineerde) dissertaties

De discrepantiehypothese: hoe nu verder?

Geplaatst op: maandag 08 januari 2018
Lees volledig artikel

Samenvatting

In het tweede nummer van NTZ van 2017 heeft Gielen een reactie geschreven op de kritiek die de schrijver geformuleerd heeft in 2013 op de discrepantiehypothese en het overvragingsconcept. Beide concepten staan centraal in Došen’s psychodynamische ontwikkelingstheorie. In dit essay gaat de schrijver inhoudelijk in op het commentaar van Gielen en voegt hij nieuwe argumenten toe aan zijn eerdere kritiek op het discrepantiemodel. De schrijver blijft bij zijn conclusie en adviseert om met het discrepantie-denken te stoppen en te doen alsof de verschillen tussen ontwikkelingsdomeinen betekenisvol zijn. Het is onethisch, het geeft een soort valse zekerheid omdat het gebaseerd is op verouderde en achterhaalde wetenschappelijke kennis over de normale ontwikkeling en op onvolledige kennis van het cognitief functioneren van mensen met een verstandelijke beperking. Een neuropsychologische benadering geeft volgens de schrijver een meer volledig profiel van het neurocognitief functioneren (inclusief het sociaal en emotioneel functioneren) van deze doelgroep en biedt ook nieuwe mogelijkheden tot behandeling van emotionele en gedragsproblemen. Het is nu zaak om deze benadering toe te passen binnen de zorg voor mensen met een verstandelijke beperking en deze vormen van behandeling te gaan onderzoeken.

Summary

In volume number two of NTZ in 2017, Gielen responded to critical analysis of the discrepancy model and the concept of overdemanding of the author in 2013. Both concepts are central in Došen’s developmental psychodynamic model. In this essay, the author comments on the arguments put forward by Gielen and adds new arguments against the discrepancy model. The author maintains his original conclusion and advices to stop thinking in terms of discrepancies as if differences between developmental domains are scienti-fically valid. It is unethical, it produces a false feeling of certainty, because it is based on old and no longer valid knowledge of normal development and on insufficient knowledge of cognitive functioning in people with intellectual disabilities. According to the author, a neuropsychological approach will led to a more broad profile of neurocognitive functioning (including social and emotional functioning) of this group and it offers new ways of treating emotional and behavioural problems as well. It is crucial to apply this approach in the care for people with intellectual disabilities and to examine the effects of these kind of treatments.

Beleid & Management

Antwoord van de auteur op een artikel van Gielen in het NTZ juninummer van dit jaar  (43-2, 125-139). Het artikel van Gielen was een reactie op een eerder artikel van Wijnroks waarin bezwaren tegen de discrepantietheorie van probleemgedrag bij mensen met een verstandelijke beperking werden geformuleerd (NTZ 39-2, 99-113). Zie ook de reactie van Gielen in de rubriek Opinie in dit nummer.

Het artikel is relevant voor professionals en wetenschappers die de discussie over ‘emotionele ontwikkeling’ en de ‘discrepantietheorie’ volgen.          

« Terug naar het nieuwsoverzicht

Log hieronder in of word abonnee om het volledige artikel te downloaden.

Als abonnee van NTZ ontvangt u vier keer per jaar het Nederlands Tijdschrift voor de Zorg aan mensen met verstandelijke beperkingen en heeft u volledig toegang tot de online artikelen.

Wilt u eenmalig of slechts enkele artikelen van NTZ lezen? Dan biedt MyJour voor u wellicht de oplossing. Hier krijgt u voor 4,98 euro toegang tot een wetenschappelijk artikel dat eerder in NTZ is gepubliceerd.